Trésor de Pionsat

In september 1852, werd door Jean Chabassière, deelpachter, een aarden pot met Arverni munten opgegraven bij “Chez Barret”, ten noorden van Pionsat . Deze gouden munten met o.a. de beeltenis van Vercingétorix vormen wat officieel de “Trésor de Pionsat” wordt genoemd.

De Arverni waren een Gallisch volk dat in de ijzertijd en de Romeinse tijd in deze regio woonden. Ze waren een van de machtigste stammen van het oude Gallië.

Vercingetorix

Vercingétorix

De munten dateren uit het midden van de 1e eeuw voor Christus. Volgens een studie zijn van de 137 munten, 27 op naam van Vercingétorix. Hiervan maken er 16 deel uit van deze schat.

In de lente van 52 voor Christus, tijdens de Gallische oorlogen, leidde het stamhoofd van de Arveni, Vercingetorix, de Gallische opstand tegen de legers van Caesar .

Gergovia

Julius Caesar beleefde hier tegen Vercingetorix zijn grootste nederlaag tijdens de Gallische oorlogen. Alles hierover in:

le Musée Archéologique de la Bataille

Het Musée Archéologique de la Bataille ligt op het Plateau van Gergovie,
op 15 km van Clermont-Ferrand en dicht bij het snelwegennet.
Toegang via de A75, afrit 4, volg dan “Plateau de Gergovie”.

Alesia

Na zijn nederlaag bij Gergovia trok Caesar zich terug naar meer noordelijk gelegen gebieden, en sloot zich aan bij de legioenen van zijn belangrijkste luitenant Labienus. Caesar had nu zijn hele leger bij zich (tien legioenen van elk zo’n 5300 man en zesduizend ruiters). Hiermee trok hij op naar de Romeinse legerkwartieren, maar bij Alesia stuitten zij op het Gallische leger onder het bevel van Vercingetorix, die de aanval inzette. Ondanks het verrassingseffect en hun numerieke meerderheid, leden de Galliërs een enorme nederlaag. Vercingetorix, die nu op zijn beurt door Caesar achtervolgd werd, besloot zich met zijn troepen te verschansen in de vestingstad Alesia.

De Romeinen bouwden een dubbele vestingwal om de belegeraars bescherming te bieden tegen aanvallen van Gallische hulptroepen. 6 Weken lang probeerde Vercingetorix tevergeefs door de Romeinse linies te breken. Een Gallisch versterkingsleger van, volgens de bronnen, 250.000 man slaagde er evenmin in de vesting te ontzetten en moest zich terugtrekken. Honger dwong ze uiteindelijk de de strijd te staken: om zijn soldaten te redden gaf Vercingetorix zich aan de Romeinen over.

Overgave van Vercingetorix aan Julius Caesar. Schilderij van Lionel-Noël Royer uit 1899.
Overgave van Vercingetorix aan Julius Caesar. Schilderij van Lionel-Noël Royer uit 1899.

Caesar voerde de held van Alesia na het einde van de Gallische oorlog als oorlogstrofee mee naar Rome. Met de beslissende slag bij Alesia werd Gallië voorgoed verslagen en ingelijfd in het Romeinse Rijk.

Executie

Vercingetorix verbleef zes jaar in een kerker te Rome. Hij kreeg net genoeg eten en water om zich in leven te houden. Zijn haren, snor en baard waren zodanig gegroeid dat hij, toen hij uit de kerker werd gehaald voor de executie aan de garrote (wurgpaal), eerst grondig gewassen moest worden en zijn haren moest laten knippen om weer “herkenbaar” te zijn. Omdat hij als voormalig Gallische koning voor het Romeinse tribunaal, de adel en het publiek gevonnist zou worden, moest hij er “toonbaar en proper” uitzien.

Portret op munt van Vercingetorix tijdens zijn gevangenschap in Rome. Bron: Commentarii de bello Gallico

Monumenten

Een standbeeld van Vercingetorix werd opgericht in Clermont-Ferrand (hoofdstad van de voormalige regio Auvergne).
Ansichtkaart – Alise-Sainte-Reine

Een ander beeld staat op de top van de Mont Auxois in Bourgondië, een van de vermoedelijke archeologische vindplaatsen van Alesia.

In 1890 creëerde Jules Bertin een standbeeld voor Vercingetorix. Dit beeld stond in Saint-Denis; het werd echter tijdens de Tweede Wereldoorlog vernietigd.

La Roche-Blanche – Gergovie. Sur le Plateau le Monument de Vercingétorix. (vlakbij het museum)